Wat heb je tot nu toe gedaan in je werkende bestaan?

 

Waarom heb jij ervoor gekozen als zzp’er te werken?

 

Voor wat voor type professional is werken met DNZ geschikt?

 

Lees in dit interview met Soufiane Bessami alles over hoe het is om als persoonlijk begeleider voor DNZ te werken.

Wie ben je en wat heb je tot nu toe gedaan in je werkende bestaan?

Ik ben 38 jaar en oorspronkelijk opgeleid als bedrijfseconoom. Na mijn studie heb ik vijf jaar gewerkt bij een van de grootste IT-distributeurs ter wereld. Op een gegeven moment kwam ik op een punt waarop ik me afvroeg: ‘is dit wat ik de rest van mijn leven wil doen?’ Het antwoord was duidelijk nee. Ik heb toen drie maanden onbetaald verlof genomen om na te denken over wat ik wél wilde.

In die periode heb ik in verschillende branches gekeken. Zelfs bij een bakker, gewoon omdat het daar lekker ruikt. Ik heb meegelopen in het onderwijs en ben uiteindelijk via een vriend in de jeugdzorg en de ggz terechtgekomen. Dat voelde meteen goed. Ik ben als zijinstromer begonnen, heb mijn mbo-diploma gehaald en mezelf ontwikkeld tot persoonlijk begeleider. Na een aantal jaren heb ik de stap naar het zzp-schap gezet. Via een collega met wie ik eerder had gewerkt kwam ik in aanraking met DNZ. Ik ben eerst gaan meekijken en voelde meteen een klik. Niet alleen met de casus, maar ook met de manier van werken. Daarna ben ik aan de slag gegaan. Inmiddels werk ik als coöperatiecoach bij Lunet.

 

Waarom heb jij ervoor gekozen als zzp’er te werken?

Voor mij draait het om ontwikkeling en afwisseling. Als je lang op dezelfde groep zit, leer je cliënten heel goed kennen, maar je eigen groei stagneert. Als zzp’er kijk je bij verschillende organisaties in de keuken. Je doet veel kennis op en die neem je weer mee naar een volgende plek. Dat maakt je uiteindelijk een betere zorgverlener. Je blijft met een frisse blik kijken naar cliënten, teams en organisaties, en je vervalt minder snel in routines.

Deze manier van werken verlangt van je dat je kritisch blijft op jezelf en op de zorg die je levert. Je moet intrinsiek gemotiveerd zijn. De vraag is niet: ‘voldoe je aan de regels?’ maar: ‘waar ben jij goed in en waarom wil jij dit werk doen?’ Daar moet je zelf al een duidelijke visie op hebben.

Wat ik een grote kracht vind van DNZ, is dat het in de kern een zorgorganisatie is. Dat betekent dat de focus ligt op kwaliteit van zorg én op wie jij bent als professional. Natuurlijk heeft DNZ ook een uitzendtak, maar de manier van werken voelt anders dan bij traditionele bemiddeling. Je bent bij DNZ geen nummer; je wordt echt als persoon gezien. Er wordt gekeken naar wie je bent, wat je kunt en waar je het beste tot je recht komt. DNZ biedt ruimte om jezelf te ontwikkelen en denkt met je mee over waar je jouw talenten het beste kunt inzetten.

Bij DNZ ligt veel verantwoordelijkheid bij de professional zelf. Voor mij is dat geen probleem, integendeel. Het maakt je echt ondernemer. Zo ben je niet schijnzelfstandig, waarbij je feitelijk als loondienstmedewerker functioneert. Binnen de coöperatie ligt het ondernemerschap echt bij jou, en dat vind ik een kracht van DNZ.

 

Je vertelt dat DNZ veel autonomie legt bij de professionals. Hoe ervaar jij dat?

Die autonomie voelt bevrijdend. Je krijgt vertrouwen en ruimte. Autonomie vraagt wel om een sterke professionele houding. Je kunt je nergens achter verschuilen. Je moet zelf keuzes maken, verantwoordelijkheid nemen en stevig in je schoenen staan, zeker in complexe situaties.

 

Voor wat voor type professional is werken met DNZ geschikt?

De werkwijze van DNZ is niet voor iedereen weggelegd. Je moet een ondernemer willen zijn en openstaan voor verandering. Als je denkt: ‘ik draai mijn dienst en daarna ben ik weg’, dan past DNZ niet bij jou. DNZ staat voor ontwikkeling, verandering en meebewegen met de markt. Dus als je bereid bent om te groeien en kritisch te kijken, dan is het een hele mooie plek.

 

Zie je verschillen in hoe cliënten reageren bij projecten waar DNZ werkt?

Ja, absoluut. Door de kennis en ervaring die je meebrengt, kun je beter inspelen op de behoeften van cliënten. Dat versterkt de vertrouwensband. Tegelijkertijd is dat niet altijd makkelijk. Je komt soms op groepen waar al jaren op dezelfde manier wordt gewerkt. Dan moet je collega’s overtuigen dat het anders kan, in het belang van de cliënt. Dat wordt niet altijd meteen gewaardeerd, maar na verloop van tijd zien mensen vaak dat het werkt.

 

Waarom blijf jij dit werk doen?

Omdat ik met mensen wil blijven werken. Ik ga met plezier naar mijn werk en wil echt iets betekenen voor mensen die het moeilijker hebben. Misschien word ik ooit nog docent; ik heb zelf op het speciaal onderwijs gezeten en heb dus gezien wat goede docenten kunnen betekenen. Zolang het maar van mens tot mens is, zit ik op de juiste plek.